Kiest de haas het hazenpad?

Op jacht met Zweitse Lulof

Inmiddels mag ik mezelf toch wel scharen onder de categorie ‘Ervaren Roalter Wind Snuffelstagiaires’. De afgelopen tijd heb ik immers op menig plekje in Raalte rond mogen snuffelen. Opnieuw heb ik een interessante plek gevonden, al moest ik dit keer het ‘snuffelen’ aan de èchte professional overlaten.

Het is een zonnige maandagmiddag als ik thuis word opgehaald door de 78-jarige Zweitse Lulof. ‘Trek niet al te opvallende kleding aan’, was de boodschap toen we de afspraak maakten om deze dag met elkaar op pad te gaan. Goed, die kleding blijft in de sfeer van de Roalter Wind wat lastig, maar dat mag de pret niet drukken. Gewapend met dubbelloops jachtgeweer en een jonge Engelse Springer Spaniël genaamd Luko achterin de auto, vertrekken we richting Dedemsvaart. We gaan op jacht. Voor Zweitse is de jacht een hobby. “Het is heerlijk om een te zijn met de natuur, de hond en het wild om je heen.” Zijn jachtterrein ligt aan de rand van Dedemsvaart en is een aaneenschakeling van een aantal weilanden onderbroken door een paar slootjes. “Om er te mogen jagen heb je een jachtakte nodig, en uiteraard toestemming van alle boeren.”  Na een ritje van een half uur parkeren we de auto bij een van de boeren op het erf. Zweitse verruilt zijn nette schoenen voor laarzen, hangt zijn geweer om en doet Luko aan de riem. Daar gaan we!

Er zit niks!
Een middagje jagen begint met kijken. Rustig kijken over het jachtgebied, zien wat er gebeurt en zien hoe het er bij ligt. Als jacht-leek roep ik al na een minuut: “Eh, Zweitse, er zit helemaal niks!”. Hij begint te lachen. Er kan namelijk wel degelijk heel wat zitten. “Ik hoop je straks het tegendeel te kunnen laten zien. Hazen kunnen bijvoorbeeld vijf meter voor je voeten in het veld liggen, en dan nog kun je ze over het hoofd zien.” Ik ben benieuwd. We openen een hek en lopen het weiland in. Vrijwel direct stap ik in een verse koeienvlaai: we zijn in de natuur! Langzaam struinen we door het veld, op jacht naar hazen en duiven. Met de wetenschap dat er zomaar ineens vlak voor ons één kan opduiken, stijgt ook bij mij ineens de spanning. Ook hond Luko snuffelt wild om zich heen in de hoop een spoor op te vangen. Het is een jong en speels beest dat regelmatig test hoe ver ze bij haar baas kan gaan. Inmiddels heeft Zweitse een tweetal hagelpatronen in zijn geweer gestopt. “Veiligheid boven alles Jesper, dus je mag niet meer voor me uit lopen.”

Zweitse’s eerste kennismaking met de jacht was in zijn jeugd toen hij met een jager uit de buurt meedeed aan een drijfjacht. Sindsdien heeft hij het jagen nooit meer los gelaten. Na zijn carrière als directeur van een van de Raalter basisscholen, gaat hij aan de slag als hoofdredacteur van ‘De Jager’. Het vakmagazine van de Koninklijke Jagersvereniging. Het jagen zit hem dus in het bloed. Na een korte speurtocht door het weiland en wat geklauter over slootjes, stoppen we voor een kopje koffie. Terwijl we in onze koffie roeren, neemt Luko een verfrissende duik in een ouderwets gore moddersloot. “Ik heb me als ik hier loop vaak afgevraagd wat mij het recht geeft om te jagen,” zegt Zweitse.  “Uiteindelijk vind ik het dan toch altijd geoorloofd dat ik zo af en toe een dier schiet voor eigen consumptie.” Als er een haas of duif geschoten is, gaat Luko deze uiteraard voor mij ophalen, zoals het een goede jachthond betaamt. Als ik hem dan op mij af zie komen met het geschoten wild, dan denk ik er al aan hoe en in welk gezelschap ik deze later op zal eten.”

We lopen verder langs een rij bomen waar een aantal duiven in zitten. “Let op, ik schiet nu eenmaal in de lucht, dan kun jij even de knal horen en wie weet vliegen er een paar duiven uit de boom.” Een enorme knal, waarvan het geluid enkele seconden later terugkomt via de bosrand, komt uit het geweer van Zweitse. Een aantal duiven vliegt vlak over ons heen. Maar een tweede schot blijft uit. “Ze vliegen te hoog vandaag.” Ook als Zweitse wel een schot lost, is dat uiteraard niet altijd raak. “Ik hoef ècht niet elke duif of haas te schieten. Als er een mij te slim af is, neem ik symbolisch mijn hoed af en hoop dat hij zijn best doet voor een talrijk nageslacht.”

Zou het dan toch nog?
Aan het einde van de middag beproeven we ons geluk in een klein bosje, dat ook onderdeel van het jachtgebied is. “Let op, nu kun je zien waar ik Luko voor heb en waar hij ècht goed in is.” Door middel van een kort handgebaar stuurt Zweitse Luko de dicht begroeide bosjes in. De chemie tussen Zweitse en Luko duidelijk voelbaar. De hand van de jager geeft richting aan, waarna zijn trouwe viervoeter vakkundig het ruige bos afstruint naar schuilende konijnen of hazen. Het enige hoorbare geluid is het geluid van knappende takken en ritselend blad. Een korte hoge fluittoon brengt Luko weer naast de voeten van Zweitse, waarna hij hem vrij snel weer terug het bos in stuurt. Dit is vakwerk. Die twee zijn perfect op elkaar ingespeeld. Na de grondige inspectie van Luko moeten we helaas concluderen dat dit bosje ons niks gaat opleveren vandaag. Het begint te schemeren. We lopen terug richting de auto. Tot zover nog steeds zonder resultaat. Plots zie ik in de verte een tweetal lange oren boven een graspol uitkomen. Een haas! Zou het dan toch? “Nu gaat hij kiezen. Of hij gaat lopen, of hij blijft zitten en vertrouwt op zijn schutkleur,” fluistert Zweitse. Helaas koos deze haas, hoe kan het ook anders, ‘het hazenpad’. Zo keren we, zonder haas of duif terug naar de auto. Bij de auto kloppen we onze schoenen af en keren huiswaarts. We moeten helaas concluderen dat de natuur en de dieren ons te slim af waren vandaag. Ook dat hoort bij jagen en ook dat hoort bij de natuur.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *